De epileptische poes

verhaal uit de oude doos

De epileptische poes


Ik wilde een poes. Er waren niet heel veel dingen die ik zo graag wilde, die mij wel of niet beloofd waren en ik ook daadwerkelijk kreeg. Maar een poes was mij niet beloofd en die kwam er wel. Ik verwacht nog een eenwielfiets en een soort gremlinknuffel van de Maxis.

De poes bleek al een paar dagen onder ons maar was verstopt op een plek waar wij niet bij konden komen. De brokjes, hart en het gekookte visje waarmee we haar probeerde te lokken mochten niet helpen en heeft ze daarom later zelden nog gezien. Poes was bang, zo werd mij verteld, omdat ze op een vorig adresje flink geslagen was. En daarom was ze bij ons, wij zijn lief.

Pirastro

Vader had de naam uitgekozen. Pirastro. Pi werkte al uitstekend. Vader moet je weten was violist en Pirastro moet je weten is de man die heeft uitgevonden dat je van kattendarmen snaren kon maken. Nog steeds te koop bij de betere strijkhandel. Enigszins cru wel.

Epilepsie

Pirastro dacht dat als ze Pi hoorde dat wij dan iets lekkers hadden voor haar. Maar meestal betekende het dat ik aandacht wilde of dat ze een in blokjes gesneden biologisch grof volkoren bammetje van eergisteren kreeg met wat water erop of melk als we zin hadden. En dat maakte haar op 1 punt na zeer gezond want in het kader van cru had Pirastro tot overmaat van ramp nog epilepsie bovendien. Dat hield zoveel in dat ze eens in de zoveel tijd pissend rondjes draaide op haar rug en per picoseconde een hersendeeltje of twee kwijt raakte. Zielig hè?

Zielig, voor mij dan

Maar voor mij was het ook heel zielig want ze mocht niet, wat ik het allerliefste wilde bij het hebben van een poes, nl dat ze spinnend en kopjes gevend aan mijn voeteneind lag en mij met zachte poezenvoetjes wakker snorde, op mijn kamer komen. Nou de lol was er wel snel af zo.

Overeenkomst met mijn beste vriendin

Net als met mijn beste vriendin weet ik niet precies welke wending het leven van Pirastro heeft gekregen. Wel weet ik dat Pirastro eens heel stoer uit de hoek kwam, aangespoord door jaren droog brood, en een zojuist bij het kaasboertje te Landsmeer gekochte kilootje jong belegen van tafel griste en op haar vertrouwde verstopplek verorberde.

Pavarotti en 2 kilo kaas

Bij het kaasboertje kregen we trouwens jaren later bij twee kilo kaas zomaar een katje mee, Pavarotti, roepnaam Rotti. Jammer genoeg was mijn vertrouwen in de poes niet meer wat het geweest was.